Columns & Artikelen

Special II

by Robert Broncel on 03/01/2022

Rond het jaareinde wordt de blik gewoonlijk opnieuw met hoop op de toekomst gericht. Terugblikkend op 2021 hebben de verwachtingen een nogal verdeeld beeld opgeleverd. Daarbij lijkt het alsof er steeds minder zekerheid aan onze verwachtingen mag kleven, terwijl de economie weliswaar met staatssteun een verrassend economisch herstel liet zien.

Grosso modo raakte het verwachtingsbeeld vertroebeld door onontkoombare realiteiten als de veelzijdige klimaatproblematiek annex de energietransitie perikelen met oplopende prijzen, de op de achtergrond spelende onevenwichtige en onhoudbare ontwikkelingen op monetair terrein, inclusief inflatie alsmede de schuivende geopolitieke panelen met focus op China en Rusland (in een nieuwe bijrol?); dit alles omgeven door het weerbarstige corona fenomeen.

Kortom, een cocktail zoals we deze nooit eerder hebben gezien. Hoe ga je daarmee om en hoe blijf je onder deze mêlee van ontwikkelingen het hoofd koel houden? Een redelijk lastige opgave. Het valt niet te ontkennen dat onze toekomst op meerdere fronten ter discussie staat.

Wat het klimaat aangaat, moet het niet zo zijn dat het tempo van de energietransitie uiteindelijk wordt gedicteerd door de frequentie en omvang van nieuwe klimaatrampspoed. De financiering zal ook hier helaas vooral via de vergroting van de geldhoeveelheid moeten plaatsvinden daar de reserves eufemistisch uitgedrukt allerminst toereikend zijn. Het heikele punt hierbij is dat een verdere vergroting van de geldhoeveelheid uitsluitend leidt tot een nog sterkere ondermijning van de koopkracht vertaald in een dito muntdevaluatie. Met corona op de hielen ziet het er op korte termijn niet naar uit dat dit nogal gemêleerde tij snel zal bijdraaien. Typisch bovendien is dat een mondiaal probleem onvoldoende mondiaal wordt aangestuurd en daardoor juist mede bijdraagt tot de beeldvertroebeling.

Monetaire aspecten

Volgens het Institute of International Finance (IIF) te Washington, was er in 2021 sprake van een versnelling van de schuldgroei met ca. $30 biljoen of nagenoeg 10% (!) van de huidige mondiale schuldhoogte in de richting van $300 biljoen of ruim driemaal het mondiale BBP. Dat is een schuldpositie die elke onderneming met of zonder hocus pocus naar een steevast onafwendbaar faillissement zou voeren. Een bedenkelijk perspectief in de wetenschap dat prolongatie van het gratis geldbeleid geen ander perspectief biedt dan een inflatoir scenario leidend tot een proces van aldoor toenemende schuld- en koopkrachtverdamping!

 

Stel dat deze column 10 jaar geleden de volgende voorspellingen zou hebben uitgebracht:

  • De basisrente zal de komende 10 jaar rond het 0-niveau blijven vigeren
  • Wall Street laat een ongekende hausse zien met een stijging van ca. 300%
  • Goud zal niet boven het hoogtepunt ad $1927 van september 2011 uitstijgen
  • De inverdiencapaciteit uit hoofde van de schuldgroei verwordt tot een fata morgana.

Met dergelijke voorspellingen zou deze column al lang “een zachte dood” zijn gestorven. Juist temeer is het opmerkelijk met welk gemak beleggers – professioneel en particulier – kennelijk met de huidige uitkomsten blijken te kunnen leven zonder hiervan een moment wakker te liggen. Begrijpelijk daar bij een 0-rente de risicoperceptie ongeveer op hetzelfde niveau is beland. Vooral de (argeloze) jongere generatie speculeert er bijgevolg met een steeds groter enthousiasme lustig op los. Kortom, op zich al een ideaal scenario voor ‘a perfect meltdown’.

Anderzijds, waar kun je bij een 0-rentestand nog rendement behalen? De koers/winst-verhouding op Wall Street thans met een stand van 29 is hiervan het sprekende bewijs, terwijl het historisch beursgemiddelde bijna op de helft ligt. Het dalingspotentieel bij een beurscrash is dan navenant bijna 50%. Rekening houdend met de penduleslag tijdens een beurscrash zal dat potentieel verder naar beneden uitslaan naarmate er meer moet worden geliquideerd gezien de hoogtes van de uitstaande leningen (aantrekkelijk, want de rente is immers 0). In een dergelijke slijtageslag dienen vooral houders van beleggingsfondsen inclusief ETFs als gevolg van liquidaties in het bijzonder rekening te houden met nog forsere verliezen.

Schuivende geopolitieke panelen

Naarmate er meer tromgeroffel hoorbaar wordt, zoals de dreigingen van China richting de V.S. voortvloeiend uit de verdediging van de vrije doorvaart in de Zuid-Chinese Zee alsmede China’s herhaalde claim op Taiwan en voorts de toenemend Russische militaire druk op Oekraïne, nemen ook de spanningen toe. De wapenwedloop krijgt hiermee een extra versnelling, met een dito beslag op de (on)beschikbare geldmiddelen. Onderstaande chart van het Amerikaanse CATO instituut laat een ongehoord snelle defensie uitgaven stijging zien.

 

De Asia Times gaf in dit kader vorig jaar al een signaal af.

Opvallend was een zeer revolutionaire wapenvinding als de ontraceerbare hypersonische 5-G raket, die zich met een snelheid van bijna 25 maal het geluid blijkt te kunnen voortbewegen. Wellicht het duurste wapen ooit geproduceerd.

The hypersonic 5-G missile

Doorgaans worden de ontwerp- en productiekosten op dit terrein nooit bekend gemaakt en evenmin of de productie hiervan al in de begroting is opgenomen. De wapenindustrie wordt gerekend tot de allergrootste en meest ondoorzichtige ter wereld. De vlucht hiervan is nog nooit zo groot geweest. Een soortgelijke ontwikkeling was ook zichtbaar ten tijde van de Koude Oorlog. Een “koude” confrontatie blijkt tot afnemende handelsstromen te leiden, met de economische sancties als bewijs.

Intussen bouwt China rustig verder aan de zgn. Belt and Road Initiative (nieuwe Zijderoute) om haar positie op de wereldmarkt verder te verstevigen. Doel is om de wereldsuprematie ten laatste 100 jaar na de stichting van de Chinees Communistische Partij in 2046 te kunnen laten sublimeren om tegelijk de historische vernederingen eind 19e eeuw en de Japanse bezetting tijdens W.O. II uit te wissen en ten grave te dragen.

De monetaire basisbeleid instrumenten

De Federal Reserve beschikt ten principale over drie beleidsinstrumenten: de Discount of Federal Fund Rate (rentesturingsmechanisme), vervolgens de zgn. Open Market Operations – kopen en verkopen van staatsfondsen, en het monitoren van de reserves op de staatsbalans om zo nodig bij te sturen. Onder de huidige marktomstandigheden blijkt het intussen gewenst om nog een nieuw “wapen” in stelling te brengen: de zgn. yield curve control, met het oog op het onder druk houden van de rente op de langer lopende Treasuries (staatsobligaties). Een oplopende rentevoet zou immers voeding geven aan lagere obligatiekoersen en daarmee tevens het algemeen positieve beursbeeld op Wall Street aantasten.

Met de vooropgezette renteoperaties en edelmetaalmanipulaties, dus met uitschakeling van het vrije marktprincipe van vraag en aanbod op deze basisterreinen koers je af op het hellende vlak van een geleide economie. De voormalige Sovjet-Unie was hiervan de exponent, met een dramatische implosie in 1989 ten gevolge. De uitspraak ‘without real money, a civilization is in danger of disappearing’ van Adam Smith, bekend van zijn boek “Wealth of Nations”, lijkt steeds verder uit beeld te geraken.

Zonder een adequate oplossing voor het ontstaan en bestrijden van de monetair/economische crisis 10 jaar geleden te hebben kunnen aandragen, werd een “losbandig” QE beleid (onder een onbeperkte vergroting van de geldhoeveelheid) uit de kast getrokken. De Federale schuld is intussen opgelopen van $6,4 biljoen in 2008 naar bijna $30 biljoen thans, zonder dat aan deze ontwikkeling in feite een halt kan en zal worden toegeroepen. Wie maalt hierom, terwijl “een dergelijke oplossing” in het verleden altijd tot “de muntdood” heeft geleid!

Als hoofdschuldige geldt het Witte Huis dat achter de schermen de Federal Reserve Bank (Fed) als zogenaamd onafhankelijk centrale bankinstituut heeft aangestuurd om vooral niets te doen dat de economie zou kunnen “schaden of vertragen”! Onder continuëring van de neerwaartse bijstelling van de Federal Fund Rate (basisrente) vanaf begin jaren ’80 werd sinds maart 2009 tevens de geldkraan (Quantative Easing) tot in extremis gehanteerd om daarmee slechts uitstel van executie na te streven, zonder ook maar de schijn van een exit-strategie te kunnen initiëren!

Inflatie

Waar de eind 1979 aangetreden Fed president Paul Volcker bij een opgelopen inflatie van ruim 15% de basisrente alsnog wist op te hogen naar een ongekend niveau boven 22%, kan Fed president Jerome Powell onder de huidige omstandigheden weinig meer uitrichten. Een beklemmend idee bij een mogelijk verdere inflatie- en/of loonstijging zoals vanaf jaren ’70.

 

Tekenend in de bovenliggende chart is dat de rente sinds 2020 de inflatie niet (meer) volgt. Dit houdt verband met het feit dat de stijging van de opgeblazen geldhoeveelheid veel sneller verloopt dan de stijging van het BBP cijfer dat weer is teruggevallen van 6,1% groei in het tweede kwartaal naar 2,3% in het derde kwartaal dit jaar en alleen nog groeit naarmate er steeds meer geld tegenaan wordt gesmeten, een belabberd perspectief!

Na de loskoppeling in 1971 lag de weg open tot een vrije vergroting van de geldhoeveelheid, met name vanwege de financiering van de oorlog in Vietnam. In 1973 manifesteerde zich plots de eerste oliecrisis waarmee de olieprijs destijds met een slordige 300% steeg. Die prijsstijging voedde de eis tot loonsverhogingen, waarmee een loon/prijsspiraal werd ingeleid zonder dat daarop een afdoende renteverhoging volgde dan met een economische crackdown na de tweede oliecrisis in 1979. Zoals boven omschreven kon destijds een meer dan “riante” renteverhoging erger nog voorkomen. Die mogelijkheid is thans uitgesloten!

Immers, ook thans bij een opgelopen en verder oplopende staatsschuld in verhouding tot een BBP van een slordige $23 biljoen thans resulterend in een schuldquote van bijna 123% in combinatie met de aanhoudende inflatie zou een renteverhoging normaal gesproken op z’n plaats zijn geweest! De afgelopen week meldde the US Treasury Department (ministerie van Financiën) nog even $3 biljoen te willen bijlenen, terwijl de Fed er intussen al weer $2,5 biljoen digitaal had bijgedrukt! Het probleem is bekend: elke renteverhoging zet onder de huidige omstandigheden aan tot een extra belasting van het budget en daarmee tot een verdere stijging van de staatsschuld. Hierachter gaat de catharsis van de gevolgen van het gevoerde monetaire beleid schuil!

Als machteloos beleidsfaciliterend Fed president is Powell zich ten volle bewust van deze ontwikkeling in de wetenschap op enige termijn de bodem onder dit beleid te zien wegvallen. Einde oefening brengt tevens het herstel van de goudkoppeling in zicht die in 1971 door overigens die zelfde Paul Volcker als souffleur van toenmalig president Nixon om zeep werd gebracht. Ook Nixon sprak destijds van een ‘transitory measure’!

De hieruit voortgevloeide ‘transitory inflation’ liep uit op een regelrechte loon/prijs spiraal, waarop pas bijna 20 jaar nadien een eclatante renteverhoging volgde. De uiteindelijke ingreep bracht een economische recessie teweeg die destijds werd vergeleken met de Grote Depressie van de jaren ’30. Dit scenario vormt de grootste angst van de Fed en de ECB zonder daarop ueberhaupt een antwoord te hebben anders dan de schuld domweg te laten verdampen. Dit vormt het traumascenario “dat tot leidraad van het huidige beleid werd verheven”!

Terwijl de inflatie gedurende de gehele periode van renteneergang daterend vanaf 1981 tot dusver geen opvallend hoger niveau wist te bereiken, begon corona roet in het eten te strooien. Als gevolg van verstoorde logistieke aan- en afvoerkanalen in samenhang met fricties op de energiemarkt begon de inflatie op te lopen. De narrative om dit anglicisme van stal te halen is dat beide niet van permanente aard zullen zijn, dus onnodig om de rente te verhogen. Dat klinkt alleen aannemelijk zolang er met name van loonsverhogingen (over de volle breedte inclusief toeslagen en uitkeringen) geen sprake is.

Zolang de huidige inflatie het resultaat is van een oververhitte vraag als gevolg van logistieke problemen en slechts tijdelijk stijgende energieprijzen, lijkt dat een plausibele redenering. Maar we weten vooralsnog niet hoe lang deze ontwikkelingen aanhouden en voor verstoring blijven zorgen.

De ‘outlook’ voor 2022 draagt een weinig gebalanceerd perspectief. Vooralsnog kunnen we een periode van relatief lage groei in samenhang met een stijgend prijsniveau verwachten, hetgeen riekt naar stagflatie. Zou er straks evenwel sprake zijn van reële loonsverhogingen over de gehele breedte van de economie dan zal dit een lastig te bestrijden ontwikkeling blijken te worden. Daaraan gekoppeld zal het navigeren binnen de onbestuurbaarheid van het monetaire systeem tot een zichtbare uitdaging leiden.

In dat kader mogen evenmin de uitstaande derivaten in orde van grootte van mondiaal $1,4 quadriljoen of $1.000 biljoen (opgave Bank of International Settlements medio 2020) buiten beeld blijven, waarvan JP Morgan en Deutsche Bank destijds resp. $40 en $50 biljoen voor hun rekening hadden genomen. Hier is weliswaar sprake van een gedeeld risico, daar het altijd twee betrokken partijen betreft. Bij een implosie van deze bizarre markt mag een ware monetaire tsunami tegemoet worden gezien waarvan de gevolgen allerminst te overzien zijn! 

Systeemsanering als last resort

Om de inflatie alsnog tijdig de kop in te drukken en het vertrouwen te herstellen, zal hoe dan ook de rente omhoog moeten. De monetaire fricties zullen in het verdere proces alleen maar verder toenemen totdat de “tijdelijke opschorting” van de goudkoppeling zal worden afgedwongen, dit teneinde het economisch wantrouwen definitief weg te kunnen nemen. Kon de economie in de jaren ’30 nog middels een opwaardering van het goud met een slordige 70% worden gered, thans is de vraag of men wegkomt met een stijging van minstens 700%. Over koopkrachtpariteit gesproken, zeker nu de intrinsieke waarde van het fiduciaire “flutpapier” middels “vakkundig” beleid (QE to infinity) onder de “bezielende leiding” van de Fed, de ECB en de andere centrale banken in dat voetspoor tot nagenoeg nul is uitgebeend! De euro als jongste munt ontbreekt nog in onderstaande chart.

Let wel, bij een reset zullen de meest basische behoeften zoals grond- en voedingsstoffen direct meegaan en daarmee het gehele marktprijspeil op sleeptouw nemen. Het is geen toeval dat deze twee categorieën (bestempeld als “te volatiel”) buiten het inflatiecijfer vallen! Het is evenmin toeval dat de huidige monetaire instabiliteit in combinatie met de economische onzekerheden de belangstelling voor edelmetaal sinds de crisis in 2008 flink hebben vergroot. Tegen deze achtergrond ligt het voor de hand dat naast de centrale banken evenzo (grote) instituten als bijv. Blackrock – grootste belegger ter wereld, voorts Bridgewater Associates, Lord Rothchild, van Eck’s Gold Fund, Stanley Druckenmiller’s Hedge Fund e.a. zich eveneens voor grote sommen geld indekken. De contradictio hierbij is de vrij stationaire goudprijs, waarvan vooralsnog een dankbaar gebruik gemaakt wordt!

De vraag blijft in hoeverre de bullion banks hun pokerspel middels ‘naked shorts’ (ongedekte futures) op de COMEX futures beurs binnen de jongste reguleringen van de Bank of International Settlements (BIS) te Basel weten voort te zetten. Met ingang van 2022 zullen deze zgn. Net Stable Funding Regulations (NSFR) worden geactiveerd. Daarmee zullen meer cash middelen benodigd zijn om dit spel te kunnen blijven spelen, zodat hieruit op enige termijn een hogere goud- en zilverprijs zou (moeten) resulteren.

Zoals aangegeven dreigt de combinatie van inflatie in relatie tot de extreem lage rentevoet en de gigantische schuldhoogte op goed moment de obligatiemarkt te doen crashen. Dan is het einde oefening! Zelfs de BIS moest toegeven dat de rente binnen de V.S., U.K. en Japan in de laatste 400 jaar nog nooit zó laag is geweest! Het doorrollen van schuld tegen een hogere rente wordt bijgevolg een hoogst hachelijke zaak, in het bijzonder voor de economisch zwakkere landen.

Adembenemend is de betrachte stilte van die zelfde BIS c.s. de bullion banks rond de manipulaties van de goudprijs. Dit in het bijzonder vormt de beste aanwijzing hoe belangrijk dit pokerspel ten behoud van het huidige monetaire systeem wordt geacht! Evenmin valt er enig commentaar te beluisteren op het terrein van de yield curve control ter zake van de obligatiehandel op Wall Street die met een steeds te hoge waardering van de Treasuries wordt “toegerust”. Bij gebrek aan een adequate oplossing blijft het vooralsnog business as usual.

Het spanningsveld op de obligatiemarkt blijft intussen onverminderd intact, vooral gelet op het jongste reële inflatiecijfer van het zeer betrouwbare Shadowstats instituut becijferd op ruim 10%. Voor de 10-jarige lening op een huidige yield van rond 1,5% geldt bijgevolg een negatief rendement van maar liefst 8,5%! Wie anders zou nog koper van deze leningen zijn anders dan de Fed?

In dit opzicht kan eveneens worden gesproken van a full blown market distortion of wel een marktperverse ontwikkeling!

 

Binnen de huidige context van een ongezond lage rente tegenover een ongehoord hoge schuldvorming lijkt een smash van de obligatiemarkt bijna borg te staan! Een ander dwarsverband betreft de historische correlatie tussen een lagere rente en een hogere goudprijs, welke gedurende de laatste tien jaar in het bijzonder onzichtbaar is gebleven. Gezien het bovenstaande zal normaal gesproken een blow out volgens de zgn. catastrofe theorie niet lang meer op zich kunnen laten wachten.

Alleen middels een grootschalige opkoop van de staatsschuld door de Masters of Finance, in casu de Fed, de ECB en de Bank of Japan kon de rente op dit absurd lage peil gehandhaafd worden! Hetzelfde geldt voor de absurd lage goudprijs tegenover de uitstaande schuld.

Over beide “dieptepunten” (‘distortions’) hoor je de centrale banken kennelijk uit angst nooit!

Mocht uiteindelijk de situatie uit de hand lopen uitmondend in een monetaire reset dan is de vraag of de Amerikaanse goudreserve (sinds 1953 nooit meer officieel geauditeerd) intussen niet op een bedenkelijk lager peil blijkt te staan dan de destijds opgegeven 8.133 ton. Immers, in de jaren ’60 tot begin’70 werd er onder leiding van Frankrijk veel goud opgevraagd zonder dat er in de V.S. na de goudontkoppeling ooit nog is gerept van een afnemende goudvoorraad.

Middels de Gold Reserve Act in 1934 werd het edelmetaal plots van $20,67 met ca. 70% opgewaardeerd naar $35 per troy ounce, na eerst alle goud van de Amerikaanse burger te hebben geconfisqueerd (een staatsrechtelijk onbestaanbaar grove beroving van koopkracht!). De schuld bedroeg destijds ca. $27 miljard. Voor die tijd was dat ook al veel geld.

Basis goudkoppeling

Onder extrapolatie naar de huidige schuldconfiguratie ad ruim $29 biljoen (V.S.) zou er dan een goudprijs van ruwweg $35.000 per ounce uit sorteren. Het hangt natuurlijk van de alsdan voorgestelde dekkingsgraad af welke feitelijke goudprijs hieruit zou voortvloeien.

Een dekking ad 40% zou in dit geval een prijsfix van $14.000 opleveren. De dekkingsgraad zal mede afhangen van de totaal beschikbare hoeveelheid goud, die middels gold leases en andere goudderivaten een ander reserveresultaat zou kunnen laten zien dan de destijds geauditeerde 8.133 ton. In een andere situatie zal er sprake zijn van een hogere fix.

Naar verluidt gaan er in de wandelgangen reeds “natte vingers” op tot rond $50.000 maar goud is uiteraard geen “ongeleid projectiel” zoals de crypto’s. Voor zilver (tevens een industrieel metaal) werd in dat kader een schatting richting $2.000 aangegeven. De lachende derden w.o. China als grootste goudproducent ter wereld met een geschatte voorraad van minstens 25.000 ton zijn de naties met relatief de grootste goudreserves in verhouding tot de geringste schuld.

JP Morgan als verreweg de grootste zilver hoarder, liet niettemin met een geheel andere intentie een geheel ander geluid horen:

Wellicht verkeert JPM nog volop aan de koopzijde.

Hoe dan ook, het systeem is tot een kind met een waanzinnig waterhoofd verworden dat bijgevolg onder een ongekend zware spanning staat. Na een periode van goed 50 jaar goudontkoppeling lijkt een systeemontknoping meer dan ooit in zicht, zonder vooralsnog hieraan een tijdsindicatie te kunnen hechten. Zonder de bron te kunnen benoemen, wordt er in bankkringen intussen van een tijdbom (staat niet op papier) gesproken, of beter nog een loepzuivere monetaire implosie!

Robert Broncel Copyright, 31 december 2021 www.robertbroncel.com

Edelmetaal kopen? Zie deze ‘etalage

 

Disclaimer bij columns artikelen, vraaggesprekken en advertorials op Edelmetaal-Info.nl: auteur(s) schrijft op eigen verantwoordelijkheid. De mening van de auteur(s) hoeft niet over een te komen met de mening van andere auteurs of de redactie van Edelmetaal-Info. De auteur kan posities of belangen hebben in genoemde zaken.

De informatie op deze website is niet bedoeld als professioneel beleggingsadvies of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen, maar als startpunt voor je eigen onderzoek.

Zie verder de algemene disclaimer van Edelmetaal-Info

 

 

 

 

 

Robert BroncelSpecial II